Nieuws

Audi streeft naar twaalfde overwinning in Le Mans

Door Spillies op 20 juni 2013 17:17

Drie Audi R18 e-tron quattro’s aan de start bij het 90-jarig jubileum van de 24h van Le Mans

Komend weekeinde (22 en 23 juni) vindt in de Franse stad Le Mans de jaarlijkse 24-uursrace voor sportwagens en GT’s plaats. De ‘24 Heures du Mans’ vieren het 90-jarig bestaan. Ook in de sporthistorie van Audi neemt het evenement een belangrijke plaats in: sinds het debuut in 1999 won Audi de klassieke race niet minder dan elf keer. Voor de jubileumeditie van dit jaar is de twaalfde overwinning het doel. Er staan drie Audi R18 e-tron quattro’s aan de start.

De 24 Uur van Le Mans is over de hele wereld bekend en behoort zonder enige twijfel tot de belangrijkste autoraces. “Ook dit jaar wordt het weer een harde strijd. Niet alleen prestaties op het hoogste niveau zijn noodzakelijk, ook constantheid is een belangrijke factor”, zegt Audi-coureur Tom Kristensen. De 45-jarige Deen won al acht keer in Le Mans, meer dan welke andere coureur ook. Dit jaar vormt hij samen met de Schot Allan McNish en de Fransman Loïc Duval de bezetting van de Audi R18 e-tron quattro met het startnummer 2. “Het is voor de eerste keer in zeven jaar dat Allan en ik niet meer samen met Dindo Capello rijden, want die is gestopt, maar ook met Loïc hebben we een sterke teamgenoot”, aldus Kristensen.

De Zwitser Marcel Fässler, de Duitser André Lotterer en de Fransman Benoît Tréluyer wonnen de afgelopen twee jaar de 24 Uur van Le Mans en komen als leiders in de tussenstand van het FIA World Endurance Championship (WEC) naar Frankrijk voor de belangrijkste race van het seizoen. “De beide overwinningen in de afgelopen jaren zijn mooi en geven ons zelfvertrouwen. Natuurlijk doen we mee om te winnen, maar we concentreren ons gewoon op de race van dit jaar”, benadrukt André Lotterer. “Ons eerste doel moet zijn om de finish te halen, als het kan zonder problemen.” Als titelverdedigers in het WK lange-afstandsracen rijden de drie coureurs in de Audi R18 e-tron quattro met het startnummer 1.

De derde auto van het Audi Sport Team Joest, uitkomend met het nummer 3, wordt bestuurd door de Spanjaard Marc Gené, de Braziliaan Lucas di Grassi en de Brit Oliver Jarvis. Voor oud-Formule 1-coureur Di Grassi wordt het zijn eerste optreden in Le Mans. “Het wordt ongetwijfeld een prachtige ervaring, waarbij ik veel zal leren”, zegt hij. “Het is een eer om deel uit te maken van zo’n team. Mijn doel is om tot het einde door te rijden, te leren en zo goed mogelijk te presteren.”

In 1999 nam Audi voor het eerst deel aan de 24 Uur van Le Mans. Een jaar later volgde de eerste overwinning en inmiddels behaalde het merk in de afgelopen 14 edities niet minder dan elf overwinningen, een percentage van 78,6 procent. Het aantal podiumplaatsen voor Audi in Le Mans bedraagt maar liefst 27. In de jaren 2000, 2002, 2004, 2010 en 2012 werd telkens het volledige podium door Audi-teams bezet. Ook heeft Audi het afstandsrecord in handen: in 2010 verbeterde Audi met de R15 TDI het sinds 1971 bestaande record met 75,4 kilometer tot een totale afstand van 5.410,713 kilometer.

Sinds de eerste 24-uursrace in Le Mans in 1923 zijn er tijdens deze wedstrijd heel wat nieuwe technologieën onder extreme omstandigheden getest, die daarna hun weg in de serieproductie van de auto-industrie hebben gevonden. Zo werden de schijfremmen (1953), turbo-technologie (1974), de Wankel-motor (1970), remmen van koolstofvezel (1990) allemaal in Le Mans getest. Ook bij Audi speelt de 24 Uur van Le Mans op dit front een belangrijke rol. Zo won Audi in 2001 ondermeer dankzij de directe benzine-inspuiting TFSI, die later op grote schaal in de serieproductie werd toegepast. In 2006 won Audi als eerste fabrikant met een dieselmotor de 24 Uur van Le Mans. Ook de variabele turbine-geometrie (VTG) in de Audi TDI-motor in 2011 leverde een belangrijke bijdrage tot succes, evenals de hybride-technologie in de Audi R18 e-tron quattro van vorig jaar. Andere voorbeelden van innovaties die Audi in de afgelopen jaren uitgebreid in Le Mans testte zijn de ultra-lichtgewicht constructie en de LED-verlichtingstechnologie.

Efficiëntie is een bijzonder belangrijke factor voor succes in Le Mans. Zo slaagde Audi er in de jaren tussen 2000 en 2010 al in om het brandstofverbruik met meer dan tien procent te verminderen, hoewel de gemiddelde snelheid tijdens de race in die periode toenam van 208,6 naar 225,2 km/u. De eerste overwinning met behulp van hybride-technologie in 2012 betekende opnieuw een belangrijke stap vooruit: het verbruik werd verminderd tot 33,34 liter per 100 km, een reductie van tien procent in vergelijking met de overwinning van een jaar eerder. “In geen enkele andere raceserie leidt het reglement in een dergelijke omvang tot innovatie en de meest efficiënte oplossingen. Le Mans wijst al sinds lange tijd de weg naar de toekomst”, zegt Audi-sportdirecteur dr. Wolfgang Ullrich.

Het Le Mans-project bij Audi begon met een 3,6-liter benzinemotor, goed voor een vermogen van 400 kW/544 pk. Het jaar erop bedroeg het vermogen al 449 kW/610 pk. In 2001 zorgde de directe benzine-inspuiting TFSI voor forse vooruitgang ten aanzien van verbruik en prestaties. De winnende TDI-V12-dieselmotor in de Audi R10 TDI van 2006 leverde een vermogen van 478 kW/650 pk uit een cilinderinhoud van 5,5 liter. Vanwege veranderde reglementen werd de motor in 2011 gereduceerd tot 3,7 liter. Audi ontwikkelde een V6-TDI-motor met tal van innovaties. Ook op andere restricties vanuit de organisatie reageerden de Audi-technici met creatieve oplossingen. Zo werd de diameter van de begrenzer van de luchtinlaat sinds het debuut in 2006 met 34 procent verkleind. De turbodruk werd successievelijk met 4,7 procent verminderd, de cilinderinhoud zelfs bijna 33 procent. Het absolute motorvermogen daalde van 478 kW/650 pk tot de huidige waarde van rond de 360 kW/490, een vermindering van rond de 24 procent. Des te meer waardering verdient daarom de gerealiseerde stijging van het specifiek vermogen per liter cilinderinhoud van 87 kW/118 pk in 2006 tot 107 kW/146 pk in 2011.

Niet alleen prestaties en efficiëntie, maar ook veiligheid spelen in de sportwagenracerij uiteraard een cruciale rol. Bij een 24-uursrace als in Le Mans is er speciale aandacht voor de verlichting. Audi maakt daarbij gebruik van LED-technologie, waarbij de lichtbundel tot 800 meter ver reikt. Dankzij het ‘matrix-beam’-principe kan het licht in verschillende segmenten met uiteenlopende intensiteit worden opgedeeld. Voor het zicht naar achteren in de Audi R18 e-tron quattro wordt een ‘digitale achteruitkijkspiegel’ in de vorm van een camera en een AMOLED-beeldscherm gebruikt. Tal van controle- en waarschuwingssystemen houden de coureur ook op de hoogte van wat er met de auto gebeurt.

Met de traditionele testdag eerder deze maand sloot Audi de voorbereidingen op de wedstrijd officieel af. De testdag is buiten de week van de race de enige keer dat er op het 13,6 kilometer lange circuit van Le Mans, dat grotendeels uit openbare wegen bestaat, gereden kan worden. Ondanks langdurige regenval en de nodige onderbrekingen kon het geplande testprogramma grotendeels worden afgewerkt, waarbij in opdracht van bandenpartner Michelin ook de nieuwe bandengeneratie voor 2014 werden beproefd. In Le Mans begint de actie op het circuit deze week met de vrije training op woensdag van 16.00 tot 20.00 uur, gevolgd door de eerste kwalificatie van 22.00 uur tot middernacht. Op donderdag vinden van 19.00 tot 21.00 en van 22.00 uur tot middernacht nog twee kwalificatiesessies plaats, waarin de startplaatsen voor de race worden bepaald. Op zaterdag is er van 9.00 tot 9.45 uur de warm-up als laatste voorbereiding op de race, die traditioneel om 15.00 uur van start gaat. De wedstrijd is op televisie uitgebreid te volgen via RTL7 en Eurosport, helaas niet op de Belgische televisie.